En als we nu eens wat dichter bij de natuur zouden blijven? Niet alleen om die te beschermen en onze krankzinnige uitspattingen uit het verleden en het heden goed te maken, maar ook om er op een verstandige manier van te leven, zoals de generaties voor ons dat altijd gedaan hebben. Op een doordachte manier, met mate, door eenvoudig de regel van de natuur te volgen: de eeuwigdurende cyclus. Dat is het grote principe van permacultuur. De natuur is het grote principe van permacultuur. De natuur observeren en nadoen om aan onze eigen behoeften te voldoen.

Wat is permacultuur
De term permacultuur werd in de jaren zeventig geïntroduceerd door de bioloog Bill Mollison (1928-2016) uit Tasmanië. Hij voorspelde toen al dat er een einde zou komen aan de economische groei die gebaseerd is op de industriële landbouw. Het grootschalig verbouwen van slechts enkele producten per boerderij is pas ontstaan na de Tweede Wereldoorlog. Hetzelfde geldt voor de intensieve veehouderij. In diezelfde periode deed ook de chemische industrie haar intrede met een grote variëteit aan bestrijdingsmiddelen, die noodzakelijk zijn voor het functioneren van monocultuur.

Monocultuur
Het ligt voor de hand dat monocultuur niet gebaseerd is op natuurlijke principes zoals permacultuur. Overal ter wereld gebruiken boeren zeer destructieve, industriële landbouwmethoden, die schadelijk zijn voor mens, dier en milieu. De huidige landbouwmethoden stimuleren de erosie van de bodem, vernietigen het bodemleven en veroorzaken daarmee de onvruchtbaarheid van de grond. Het gevolg hiervan is uiteraard een enorme degradatie van de bodem.

Het begint met een gezonde bodem
We zijn vergeten hoe we de bodem kunnen voeden en hoe natuurlijke ecologische systemen zichzelf in stand kunnen houden en zichzelf kunnen corrigeren. Daarom hebben wij tegenwoordig zoveel chemische bestrijdingsmiddelen nodig! Op de lange termijn buiten wij de bodem dermate uit, dat de grond kaal en uitgeput achter blijft. Het natuurlijke bodemleven, bestaande uit biljoenen van micro-organismen, is dan volledig vernietigd.
Help humus
Bodem-degradatie is tegenwoordig een groot probleem. Ons doel is om gewassen zo snel mogelijk te laten groeien en de dieren zo snel mogelijk vet te mesten voor een maximale opbrengst. Plagen als de varkenspest of de fipronil-affaire zijn voorbeelden van de desastreuze gevolgen van de huidige landbouwmethoden.

Het roer moet om!
Het is niet eenvoudig om de intensieve landbouw de rug toe te keren, al slagen sommige mensen daar wel in. Als je je eigen moestuin hebt, word je veel autonomer doordat je niet alleen je eigen groenten en fruit kweekt, maar ook je eigen plantgoed en zaden, zodat je daarvoor geen tuincentrum of zadenhandelaar nodig hebt. Het betekend dat je kunt vertrouwen op de kwaliteit van je voeding en dat de weg van de aarde naar je bord zo kort mogelijk is.
Iedereen blij
De principes van de permacultuur zorgen er bovendien voor dat je kiest voor een systeem waarin je zo veel mogelijk bespaart. Je bespaart water, mestsstoffen en ook werk. Want als je deze mooie cirkel eenmaal op gang hebt gebracht, hoef je verder niets meer te doen. En voor een keer loont luiheid; de oogsten zijn heel bevredigend en hoeven in niets onder te doen voor die van de traditionele moestuin.

De uitgangspunten van permacultuur
Vanuit deze drie principes is een multidisciplinair ontwerpsysteem ontstaan dat land, mens, milieu en hulpbronnen met elkaar verbindt tot natuurlijke systemen, waarin alles een functie heeft en niets wordt verspild. Kippen verzorgen ons niet alleen van eieren, maar ze bewerken ook de grond. Schapen vervangen de grasmaaier en bemesten het land met hun uitwerpselen. Een diversiteit aan gewassen zorgt voor meer biodiversiteit (insecten, bijen, etc.). Ons tuin- en keukenafval wordt verwerkt tot compost; de voeding voor de bodem. Bij permacultuur is alles met elkaar verbonden en heeft alles zijn eigen functie. Het resultaat zijn niet-verspillende, gesloten kringloopsystemen, zoals we die in de natuur zien.

Het doel van permacultuur
Het doel van permacultuur is om de mensheid op een duurzame manier te voorzien van voedsel, energie en onderdak. In zekere zin raken wij zelfs het vlak van sociale behoeften, omdat het decentraliseren van landbouw meer onderling contact en positieve afhankelijkheid tot gevolg heeft. We werken samen met de natuur en beschadigen haar niet! Op deze wijze creëren we overvloed op elk niveau: een rijk bodemleven, meer oogst en dus opbrengst per vierkante meter, biologisch verbouwde gewassen die geheel vrij zijn van pesticiden, een vriendelijke en natuurlijke manier van omgaan met dieren en veel meer dan dat! We creëren dus regeneratieve, biodiverse landschappen waarin planten, dieren en mensen op een positieve manier met elkaar samen werken en leven.
Op deze manier probeert permacultuur een eind te maken aan het huidige destructieve landbouwsysteem en de grondbeginselen neer te zetten voor een duurzame, efficiënte en gezonde leefomgeving.

Inmiddels zijn er genoeg kleine en grote voorbeelden overal ter wereld te vinden. Een bekend groot voorbeeld is het ‘Lössplateau’ in China, waar 35.000 vierkante kilometer land volledig zijn hersteld van erosie. Er zijn nieuwe watersystemen aangelegd en er is een enorme hoeveelheid bomen aangeplant. Op die manier is de basis gecreëerd voor voedselproductie.

Alles benutten
Permacultuur begint dus met een kleine wijsheid die de tuinders van vandaag uit het oog verloren zijn; je moet je tuin goed kennen. Er gaat dus niets boven observeren door de seizoenen en de jaren heen. Dat komt goed uit, want als je eenmaal begonnen bent met permacultuur, heb je minder werk en houd je dus tijd over om rustig na te denken. Kijk hoeveel zon de bedden krijgen, ontdek de microklimaten, de kleine stromingen van koude lucht. Kijk welke schaduwen de grote struiken en de bomen geven. Bepaal welke plekken vochtiger zijn, welke ’s morgens langzamer opwarmen… Gebruik de muren en gevels van je huis of van andere gebouwen voor klimplanten die niet goed tegen de kou kunnen. Leer ook gebruik te maken van hellingen van je tuin.

Zo weinig mogelijk doen
Dat is de basis van permacultuur en dat is onze beloning als de tuin eenmaal goed georganiseerd is. Want net zoals alles zichzelf in de natuur voortdurend vernieuwt, in een oneindige cyclus, vraagt ook je tuin om ‘vergeten te worden’.
- de grond niet meer bewerken is de garantie voor een rijke voedingsbodem
- een voortdurende groene bedekking om erosie te voorkomen
- plantaardig afval blijft gewoon liggen zodat het kan ontbinden. Laten we ook meteen zeggen dat er geen afval bestaat in permacultuur. Alleen planten die terug keren naar de bodem.
- beperkt water geven als de aarde eenmaal bedekt is.

Verspilling voorkomen
Een permacultuur-tuin is zuinig, maar heeft vooral een hekel aan verspilling.
- water besparen door regenwater te gebruiken
- ruimte te besparen door de planten dicht op elkaar te zetten en vrijgekomen plekken meteen weer te gebruiken
- planten besparen door voor planten te kiezen die zichzelf uitzaaien, alle zaailingen te gebruiken en alle groenten te laten groeien die spontaan opkomen.
- inspanningen en energie besparen door de moestuin zijn eigen ding te laten doen in plaats van hem aldoor tegen te werken.

Niets gaat verloren
Zonder in details te treden is de cyclus van alle levende materie heel gemakkelijk te begrijpen. Dode organismen worden afgebroken tot ‘bouwstenen’ die dan weer gebruikt worden om nieuwe organismen op te bouwen, in de tuin dus planten. In de permacultuur is dat een vicieuze cirkel. Niets gaat verloren; noch water, noch organisch materiaal.

ter plekke composteren
Ik benadruk nog eens dat er binnen de permacultuur geen plantaardig afval bestaat, alleen voedingsstoffen.. In de klassieke moestuin en bij het biologisch tuinieren heeft men al lang geleden besloten om te composteren en zo zelf grote hoeveelheden grondverbeteraar te kunnen maken. In de permacultuur doen we dat anders, we laten het plantaardige materiaal op de grond liggen.

grondstoffen, opbrengsten en cycli
De opbrengsten van een natuurlijk ecosysteem zijn niet gelijk aan de hulpbronnen. Ze zijn het resultaat van het overschot van het hele systeem. We ontwerpen om te kunnen ontvangen wat we nodig hebben, en we forceren onze ecosystemen niet in een permanente productiviteit. De cycli (zoals de jaargetijden) zijn bepalend voor alles wat er gebeurt binnen een ecosysteem. Wanneer we leren om de cycli, maar ook de patronen in de natuur te herkennen, kunnen we er maximaal gebruik van maken.

voedselketen
Onze huidige voedselketen wordt vaak vergeleken met een piramide. De mens staat op de top van de piramide, gevolgd door de dieren, de insecten en de planten. In werkelijkheid is alles echter verbonden. De voedselketen is dus veel meer een web of een netwerk en geen piramide.
Een gezond voedselpatroon waarbij alles gegeten mag worden ( planten en dieren) past het beste bij een natuurlijk ecosysteem. Een plantaardig dieet op basis van industriele landbouw is niet duurzaam.
Dieren zijn een integraal onderdeel van elk ecosysteem. Wanneer we de dieren deel uit laten maken van een holistisch ingericht ecosysteem, spelen ze een vitale rol bij het in stand houden van het systeem.Dit alles in tegenstelling tot de intensieve veehouderij.

complexiteit en verbindingen, orde en chaos
Permacultuur integreert verschillende diciplines met elkaar; hernieuwbare energiebronnen, innovatie landbouwtechnieken en ecologisch bouwen. Als ontwerpers vinden we zoveel mogelijk nuttige verbanden tussen al deze elementen, waardoor complexe systemen ontstaan. Doordat we rekening houden met alle onderlinge verbanden tussen de verschillende elementen, creeren we we stabiliteit in het hele systeem. Eenvoudige systemen als monoculturen zijn veel minder stabiel en dus ook vele malen kwetsbaarder.

Functie, diversiteit en stabiliteit
In elk ecosysteem vervult elk element een groot aantal functies. In de intensieve veehouderij creeeren we een onnatuurlijk hoge productiviteit die gepaard gaat met gestreste, ongezonde dieren. Bij een permacultuurontwerp houden we rekening met een natuurlijk evenwicht tussen de input en de output. We zijn er niet op gericht de dieren of een heel ecosysteem te exploireren.

De natuur is divers, zelfs in de moeilijke omstandigheden . Bij voldoende biodiversiteit hebben individuele elementen meerdere functies die bijdragen aan het behoud van een stabiel ecosysteem. Door biodiversiteit creeeren we stabiele ecosystemen, die zichzelf reguleren en die ons van een constante opbrengst voorzien.

Ontwerpmethoden
Het ontwerp van een terrein begint met een observatie en een analyse. We maken een lijst van de wensen die in het ecosysteem opgenomen moeten worden. Daarbij kijken we naar dat wat al aanwezig is op het terrein. Landkaarten en onze moderne technologie zijn goede hulpmiddelen bij het ontwerpen. Met Google Earth, Google maps en Lidar-systemen kunnen we veel te weten komen over water, gebouwen, bomen en hoogteverschillen. Verder denken we na over de verbanden tussen de verschillende componenten: grote structuren als huizen en kassen, dieren, voedselbossen, weides, akkers en watervoorzieningen. Ook de nodige inspanningen in de vorm van arbeid en vaardigheden worden mede in overweging genomen, net zoals het aanwezige budget.

Daarnaast houden we in alle opzichten rekening met efficientie. Werkzaamheden die veel voorkomen positioneren we dicht bij huis. Hierdoor passen we het zone systeem toe. Dit is een systeem dat het terrein verdeeld in 5 zones, die elk beschrijven hoe vaak je er komt en wat de beste functie is voor een specifieke zone. Verder kan het gebied ingedeeld worden in sectoren op basis van de invloed van de gewesten. Dit geeft ons inzicht in de manier waarom zon, wind en water het terrein beinvloeden.

een tijdpad
De natuur zal zich volgens natuurlijke wetmatigheden altijd willen ontwikkelen tot een bos. Volwassen bos-systemen omvatten grote en kleine bomen, struiken, klimplanten, kruidachtige planten, bodembedekkers, dieren enz. Omdat we begrijpen hoe we een stabiel ecosysteem kunnen creeren, zijn we in staat om in een relatief korte periode een gedegenereerd terrein om te zetten in een productief en duurzaam ecosysteem.









