3D-structuur

De totale hoeveelheid structuur die er in een ecosysteem is, in de lengte, in de breedte en in de hoogte.

Hoe meer 3D-structuur er in een ecosysteem is, hoe meer habitats er zijn. En hoe meer habitats er in een ecosysteem zijn, hoe meer organismen er in een ecosysteem zijn.

3 ecologische hoofdprincipes/factoren

Begrip in de permacultuur (zie verderop). De 3 ecologische hoofdprincipes zijn:

  1. zon (licht en warmte)
  2. zoet water (hoeveelheid en hoe vaak in de tijd)
  3. wind (kracht en richting)

Deze factoren bepalen wat voor klimaten er op Aarde heersen.

Bij de permacultuur worden deze factoren goed bekeken om het permacultuursysteem mee te ontwerpen.

3 functiesregel

In permacultuur (zie verderop) is het belangrijk dat elke organisme meerdere functies heeft en dat elke functie door meerdere organismen wordt ondersteund.

Daarvoor probeer je elk organisme dat in het systeem gezet wordt minimaal 3 functies te geven. Om dit te bereiken, kun je leren goed naar een organisme te kijken. Je stelt jezelf de volgende vragen:

  1. Wat is het voor organisme? Bijv.: in welke plantlaag zit het, hoe ziet het eruit, etc.
  2. Wat doet het, wat heeft het voor eigenschappen?
  3. Wat van dit organisme kun je nuttig gebruiken?

5 hulpbronnen

Permacultuur (zie verderop) kent 5 subcategorieën van hulpbronnen:

  1. hulpbronnen die verdwijnen of degraderen wanneer ze niet worden gebruikt
  2. hulpbronnen die door gebruik toenemen
  3. hulpbronnen die door gebruik onveranderd blijven
  4. hulpbronnen die door gebruik opraken
  5. hulpbronnen die door gebruik vervuilen of vernietigen

Permacultuur maakt veelvuldig gebruik van hulpbronnen uit de eerste 3 categorieën doet voorzichtig met categorie 4 en probeert hulpbronnen uit de 5 categorie niet te gebruiken. Dit is logisch, omdat permacultuur gericht is op een langdurige overleving van de mens en de natuur om hem heen.

Agricultuur

Andere benaming voor landbouw = eetbare gewassen verbouwen om de mens mee te voeden.

Alley cropping – laanteelt

Rijen bomen met eventueel struiken, en daartussen andere gewassen, vaak eenjarigen, die mechanisch worden geoogst.

Autarkisch

Als je autarkisch woont, ben je onafhankelijk van de nutsbedrijven voor je water, gas en elektriciteit.

Synoniem: zelfvoorzienend.

Balkonier

Je onderhoudt een tuin op een balkon.

Biodiversiteit

De verscheidenheid van genen, soorten en ecosystemen in een regio

Biologie

De leer van het leven. Bio = leven, logie = leer van.

Bodemerosie

Het verdwijnen van de vruchtbare toplaag van een bodem door wind, water en ijs.

Bodemvoedselweb

Planten vormen de fundering van de dynamische gemeenschap van organismen, doordat ze zonlicht omzetten in groene biomassa. En die biomassa wordt vervolgens door andere levensvormen geconsumeerd; schimmels, bacteriën, protozoa, nematoden e.a. zijn onderdeel van het bodemvoedselweb en zijn van elkaar afhankelijk.

Bokashi

Bokashi is het Japanse woord voor ‘goed gefermenteerd organisch materiaal’. De organische materialen worden luchtdicht verpakt. Zo kan een fermentatieproces plaatsvinden, waarbij nuttige stofwisselingsproducten van micro-organismen ontstaan.

Companion planting

Een Engelse term. Het gaat om optimaal gebruikmaken van de effecten die de ene plant op de andere plant heeft.

Positieve effecten in de groei worden gestimuleerd door de juiste planten bij elkaar te zetten.

Negatieve effecten in de groei worden niet gestimuleerd door die planten juist niet bij elkaar te zetten.

Het is de studie naar commensalistische en symbiotische relaties zoeken tussen planten op wat voor manier dan ook. Zo kan de ene plant roofinsecten aantrekken die zich ook voeden met larven van parasieten van de buurplant.

Cradle to cradle

Cradle-to-cradle (C2C of van-wieg-tot-wieg) is een ontwerpfilosofie waarbij wordt uitgegaan van het principe dat afval gelijk is aan voedsel. Elke grondstof en elk materiaal moet volledig hergebruikt kunnen worden zonder dat het zijn waarde verliest.

Diversiteit

De totale hoeveelheid verschillende soorten in een ecosysteem (zie verderop).

Duurzaamheid

Duurzaamheid gaat over het vermogen van de samenleving om oneindig te kunnen overleven binnen de natuurlijke cycli

Duurzame landbouw

Op een ecologische (zie verderop), duurzame manier landbouw bedrijven.

Ecologie

De leer van de relaties tussen organismen en hun omgeving.

Ecosysteem

Een gemeenschap van planten, dieren en micro-organismen die door energie en voedingstofstromen met elkaar verbonden zijn in een systeem.

Regenwouden, woestijnen, koraalriffen, grasland en een rottend stuk hout zijn allemaal voorbeelden van een ecosysteem.

 

Ecosystematisch

Je moet de juiste planten voor de juiste omstandigheden kiezen en zodanig combineren dat ze in natuurlijke harmonie kunnen samenleven.

Erosie

Afslijting van land en verplaatsing van bodemdeeltjes door de werking van regen, wind, stromend water en (evt.) de zee en ijs.

Forest farming – Boslandbouw

Imitatie van het natuurlijke bos. Bomen et cetera kunnen dus ook voor hout worden geoogst en struiken bijvoorbeeld voor fruit. Dit komt het meest overeen met het beeld van voeselbos

Frankia sp.

Bacteriefamilie die stikstof bindt. Deze bacteriën kunnen knolletjes vormen in de planten van wortels. Frankia zijn stikstoffixerende bacteriën.

Fotosynthese (reactie)

Het proces waarin planten met behulp van licht koolstofdioxide (CO2) en water omzetten in glucose en zuurstof.

Functional redundancy

Een begrip uit de ecologie (zie boven) waarbij 1 functie door verschillende organismen wordt ondersteund. Als één van de organismen wegvalt uit het ecosysteem (zie boven), blijft de functie behouden.

Dit zorgt voor een stabiel ecosysteem dat in staat is om klappen op te vangen. Door functional redundancy krijg je een langdurig overlevend, veerkrachtig ecosysteem.

Groene wand

Vergroening van muur of wand door planten.

Guerilla gardening

is een activiteit die erop is gericht om meer groen in stedelijke omgevingen te realiseren.
Dit wordt bereikt door met behulp van kortdurende acties tuintjes aan te leggen op plekken in steden met weinig of geen groen.

Habitat

De natuurlijke woonplaats van een organisme in het ecosysteem (zie boven).

Herbiciden

Chemische middelen om onkruid mee te vernietigen.

Humus

Humus of teelaarde is het traag afbreekbare deel van organische stof in de bodem. … Humus kan in soorten worden onderverdeeld op grond van meerdere criteria: chemische samenstelling; mate van afbreekbaarheid; structuur in samenhang met het milieu waarin een bepaalde humuslaag zich heeft gevormd.

Insectenhotel

Een insectenhotel is bedoeld om leefruimte voor insecten te creëren en zodoende de natuur een steuntje in de rug te geven. Hierdoor kan een prachtige verscheidenheid van planten en dieren voortbestaan.

In een maatschappij die steeds verder verstedelijkt, wordt de natuurlijke leefomgeving van veel insecten steeds kleiner. Binnen het ecosysteem ‘tuin’, kan een insectenhotel deze ontwikkeling tegengaan.

In de lente en in de zomer voorzien insectenhotels in een uitermate geschikte nestplaats voor veel insecten en andere dieren, en in de herfst en in de winter bieden de insectenhotels een veilige overwinteringsplaats.

Kippentractor

Verplaatsbare kippenren.

Kippen worden op een stuk land gezet met onkruid. Hier eten ze alles op, krabben ze de grond los en laten ze hun uitwerpselen achter. Als al het onkruid weg is, wordt de kippenren verplaatst naar een nieuw stuk. Het net omgeklauwde en bemeste stuk grond kan gebruikt worden om planten in te zetten.

Klimaatbehendig

klaar voor de toekomst en zelfvoorzienend te zijn

Kunstmest

Kunstmatig aangemaakte plantenvoedingstoffen in minerale of anorganische vorm.

Landschapsontwerp

Een ruimtelijk ontwerp voor het landschap

Levende tuin

Een integrale visie op hoe mensen wonen en hun ruimte en milieu beleven met aandacht voor gebiedsontwikkeling

Los van de stekker

Als je los van de stekker woont, ben je onafhankelijk van de nutsbedrijven voor je water, gas en elektriciteit.

Synoniem: zelfvoorzienend.

Microklimaat

De temperatuur en luchtvochtigheid op een zeer beperkt gebied. Het klimaat dat betrekking heeft op een relatief kleine locatie.

Monocultuurlandbouw

Methode van landbouw waarbij slechts 1 gewas op een groot stuk land wordt verbouwd.

Bij deze manier van landbouw is veel mest nodig en monocultuurlandbouw werkt ziektes en insectenplagen in de hand.

Door de makkelijke manier van oogsten met grote machines, is het een manier van landbouw die heel snel veel gewassen oplevert.

Intensieve veehouderij is een monocultuur van dieren. De laatste jaren is duidelijk geworden hoe deze methode ziektes uitlokt en wat voor economische schade hij uiteindelijk oplevert, al wordt dit niet verrekend met de producenten van deze crisis.

Mulchen

[Spreek uit: múltjsen.]

Organisch materiaal gebruiken om de bodem te bedekken.

Hierdoor kan onkruid rond een plant geen licht krijgen en groeit het niet of veel minder snel.

Daarnaast wordt water beter vastgehouden voor de plant en uiteindelijk wordt de mulch afgebroken en omgezet tot voedingstoffen voor de plant.

Het is een zeer praktische en tijdbesparende manier om onkruid tegen te gaan.

Mycorrhiza-schimmel

Het woord mycorrhiza betekent letterlijk ‘schimmelwortels’. Dit geeft mooi de symbiotische relatie aan tussen plantenwortels en een gespecialiseerde groep grondschimmels (Mycorrhiza-schimmels).

Ongeveer 95% van alle landplanten gaan een symbiose aan met deze schimmel in hun natuurlijke habitats (zie boven).

Men schat dat de Mycorrhiza-schimmeldraden 100 tot 1000 keer meer grondvolume tot hun beschikking hebben dan de wortels van de planten waar ze zich aan hechten.

Niche

De specifieke functie en plaats van een organisme in een ecosysteem (zie boven).

Oerwoudverbranding

Vorm van landbouw waarbij een stuk oerwoud wordt platgebrand. De as die hierbij ontstaat, zou als bemesting moeten gelden voor het stuk land.

In de praktijk zijn deze stukken grond slecht 2/3 jaar bruikbaar voordat de bodem is uitgeput. De voedingstoffen zijn dan verbruikt. Vaak wordt hierna een nieuw stuk platgebrand.

Deze cyclus gaat telkens door in deze vorm van landbouw. Deze vorm van landbouw is zeer destructief voor het resterende bestand van het tropische oerwoud hier op Aarde.

Organisme

Een functioneel geheel dat opgebouwd is uit organisch materiaal. Planten, dieren, schimmels, bacteriën en mensen zijn allen voorbeelden van organismen.

Kortom: een organisme is een levend wezen.

Permacultuur

Samenvoeging van de woorden permanente agricultuur en permanente cultuur.

Permacultuur is een ontwerpprincipe waarmee je een ecosysteem (zie boven) om de mens heen ontwerpt, gebaseerd op de ecologische hoofdwetten die aan de natuur ten grondslag liggen.

Permacultuur is gericht op een langdurige overleving van de mens in samenwerking met en als onderdeel van de natuur.

Permacultuur is eind jaren 1970 in Australië beschreven door Bill Mollison en David Holmgren. Ze brachten duurzame landbouw, landschapsontwerp en ecologie samen (deze termen staan hierboven uitgelegd).

Pesticiden

Chemische middelen om ‘schadelijke organismen’ mee te vernietigen zoals insecten.

Populatie

Groep van dezelfde soort organismen in een gebied die zich onderling voortplanten.

Reducenten

De organismen in een ecosysteem die dode producenten, consumenten en predatoren afbreken tot voedingsstoffen voor nieuwe producenten.

Rhizobia sp.

Bacteriefamilie die stikstof bindt. Deze kunnen knolletjes vormen in de planten van wortels. Rhizobia zijn stikstoffixerende bacteriën.

Riparian agriculture – oeverbegroeiing

Langs het water is een natuurlijke bossage en een strook kruidenrijk grasland. Misschien mag dit ook wel een voedselbos(rand) worden genoemd.

Multiple stable statestheorie

De theorie die verklaart dat er onder dezelfde klimatologische omstandigheden 2 verschillende ecosystemen kunnen ontstaan.

Deze kunnen in elkaar overgaan, maar dan moet het systeem eerst kunstmatig zó veel veranderen, dat het ene systeem in het andere overgaat.

Wanneer de nieuwe staat van het systeem bereikt is, houdt deze zichzelf ook weer in stand.

O&O-opdracht

Onderzoek- en ontwerpopdracht, meestal alleen in gebruik op technasia. Leerlingen realiseren een duurzame oplossing voor een bestaand probleem in de samenleving. Opdrachtgevers zijn vaak externe partijen.

Het technasium is een onderwijsstroom in Nederland voor havo en vwo. Kenmerkend voor deze onderwijsvorm is het examenvak Onderzoek en Ontwerpen (O&O). Leerlingen doorlopen elk jaar een aantal verschillende projecten. In het examenjaar wordt het vak afgesloten met de meesterproef. Ik zet technasiasten in die opdrachten uitvoeren voor een echte opdrachtgever.

Silvoplast– bosjeslandschap

Bomen en bosjes met gras eronder waar bijvoorbeeld vee (koeien, varkens, schapen) lopen. De bomen kunnen voedsel produceren voor de mens, maar ook voor het dier.

Soort

Groep organismen die onderling in staat zijn vruchtbare nakomelingen te produceren door middel van voortplanting.

Een ezel en een paard kunnen wel nakomelingen krijgen, maar geen vruchtbare nakomelingen. Een ezel en een paard behoren daarom niet tot dezelfde soort.

Stekelomheining

Een omheining van stekelplanten die in een cirkel geplant zijn met een kleine opening om dieren te kunnen doorlaten. Met stekelplanten kun je een levende omheining maken.

Stikstoffixerende bacterie

Een bacterie die in speciale wortelknolletjes voorkomt waarin stikstof uit de lucht wordt omgezet in bruikbare stikstofverbindingen voor de plant. Deze bacteriën maken als het ware de kunstmest voor de plant waarbij ze in de wortels wonen.

Swale

[Spreek uit: sweel.]

Permacultuurbenaming voor een gegraven geul die gemaakt wordt om doorheen te voeren.

Door een swale een golvende beweging te geven, loopt water er langzamer doorheen en kan er meer water de bodem in trekken.

In gebieden met veel hoogteverschillen worden swales gegraven in eenzelfde hoogtelijn, zodat het water daarlangs langzaam de bodem in kan trekken.

Toekomstbestendig

Verwoestijning

Het telkens meer verdrogen van een ecosysteem, doordat er planten uit verdwijnen. Hierdoor wordt de grond slechter vastgehouden en kan water minder snel de grond in. Zo ontstaat een vicieuze cirkel en kan een goed stuk grond veranderen in een dorre woestijn waar niets groeit.

Vlinderbloemigen (leguminosen)

Groep planten die bekend staat om de samenwerking met stikstoffixerende bacteriën. Zie ook stikstoffixatie.

Water harvesting

Permacultuurbenaming voor het zo veel mogelijk opvangen en behouden van water in het systeem.

 

Zonnecirkel

Een halve cirkel van bomen die gericht staan op de zon als die op zijn hoogste punt staat. Zo krijg je een optimale lichtopname voor de planten in de cirkel.

Zelfvoorzienend

Als je zelfvoorzienend woont ben je onafhankelijk van de nutsbedrijven voor je water, gas en elektriciteit. Synoniem: autarkisch.